Online Academie StartenKennisbank

Kennisbank / Fase 1 · Beginnen

Hoeveel tijd het maken kost en hoe je het naast je werk inplant

Waar de uren in een online programma echt in zitten, hoe je met één proefles je eigen getal meet en hoe je het werk naast een baan of praktijk inplant.

Stap 4 van 20 in de route  ·  4 minuten lezen  ·  11 oktober 2026

Een vrouw aan een bureau drukt op een keukenwekker terwijl ze haar hand op een handgeschreven lijstje houdt, naast een laptop met een donker scherm en een tafelmicrofoon.
Hoe lang een les je kost, weet je pas als je er één hebt gemaakt en de tijd per stap hebt opgeschreven.

Hoe lang het duurt om een online programma te maken, is de vraag die iedereen aan het begin stelt en waar niemand een eerlijk antwoord op kan geven zonder jouw situatie te kennen. Schattingen die je online vindt lopen zo ver uiteen dat je er niets aan hebt. Wat wel werkt: weten waar de tijd in zit en je eigen getal meten voordat je de rest plant.

Waar de tijd in zit

Bijna iedereen denkt bij het maken van een cursus aan opnemen. Dat is maar een deel. De uren verdelen zich over een rij stappen die je bij elke les terugziet:

  • Uitzoeken en opzetten. De leerdoelen, de volgorde, wat er in deze les wel en niet komt. Zie leerdoelen formuleren.
  • Schrijven. Een script, een opzet in steekwoorden of de tekst van een les die je niet filmt.
  • Opnemen. Inclusief klaarzetten, de mislukte pogingen en het opruimen.
  • Monteren. Fouten eruit, stiltes korter, beeld van je scherm ertussen.
  • Werkbladen en opdrachten. Het materiaal waarmee de deelnemer zelf aan de slag gaat.
  • Op het platform zetten. Uploaden, teksten erbij, controleren of alles in de goede volgorde staat.

Daarnaast zijn er uren die niet per les komen, maar eenmalig of per ronde: je platform inrichten, je verkooppagina schrijven, je eerste deelnemers benaderen en de begeleiding als je met groepen werkt.

Meet het met één les

Het enige getal dat je verder helpt is het jouwe. Kies een les uit het midden van je programma (dus niet de introductie) en maak die van begin tot eind af. Houd bij elke stap uit de lijst hierboven bij hoeveel tijd je kwijt bent. Een notitie op papier is genoeg.

Na die ene les weet je drie dingen. Hoe lang één les je kost. Welke stap het meeste tijd vraagt. Of je werkwijze bevalt, want dat merk je pas als je het een keer gedaan hebt. Vermenigvuldig dat met het aantal lessen uit je indeling in modules en lessen en tel er de eenmalige uren bij op. Neem een flinke marge, want de eerste les is zelden de langzaamste. Je komt in latere lessen dingen tegen die in de proefles niet zaten.

Waar het meestal uitloopt

Drie plekken waar de planning vaak het eerst knapt:

Monteren. Wie begint, monteert te veel. Elke hapering eruit, elke zin opnieuw. Een les met een paar natuurlijke haperingen is beter dan een les die nooit af komt. Neem liever korter op en opnieuw dan lang op en veel knippen.

Opnieuw beginnen. Halverwege module twee zie je dat module één beter kan. Die neiging is begrijpelijk en meestal verkeerd. Schrijf op wat je zou veranderen en doe dat na de eerste ronde, als je ook weet wat deelnemers ervan vonden.

Techniek. Een microfoon die niet wordt herkend, een upload die vastloopt, een platform dat anders werkt dan je dacht. Reken voor de eerste keer van alles meer tijd. In video opnemen zonder studio staat wat je nodig hebt om niet in de apparatuur te verdwalen.

Naast je baan of praktijk inplannen

De meeste mensen maken hun eerste programma naast ander werk. Dat lukt, mits het werk een vaste plek krijgt. "Als ik tijd heb" betekent in de praktijk dat het er niet van komt.

Zet voor de komende weken vaste blokken in je agenda en behandel ze als een afspraak met een klant. Verschillende stappen vragen verschillende blokken:

  • Schrijven en opzetten gaat goed in korte blokken, ook een uur 's avonds of vroeg in de ochtend.
  • Opnemen vraagt een langer blok op een vaste plek, want klaarzetten en opruimen kosten elke keer tijd. Plan liever één ochtend voor drie lessen dan drie avonden voor één.
  • Monteren en uploaden kun je weer in kleinere stukken doen.

Houd ook rekening met de weken waarin het niet gaat. Vakantie, een drukke periode in je werk, een zieke huisgenoot. Een planning zonder speling loopt bij de eerste tegenvaller vast en dan is het verleidelijk om helemaal te stoppen.

Werk je in loondienst, kijk dan ook of je werkgever iets over nevenwerk heeft vastgelegd. Wat daarvoor geldt staat in KvK, Belastingdienst en je werkgever.

Wat je kunt schrappen

Als de som uitkomt op meer uren dan je hebt, schrap dan voordat je begint in plaats van halverwege.

Minder video. Niet alles hoeft gefilmd. Een stappenplan of een rekenvoorbeeld werkt vaak beter als werkblad dan als video en is sneller gemaakt.

Kortere lessen. Een les die precies één ding behandelt, is sneller opgenomen en hoeft minder vaak over.

Niet alles vooraf. Bij een bètaronde maak je module één af en de rest terwijl de groep bezig is. Dat verdeelt de uren over een periode waarin je al deelnemers hebt en dus al weet wat ze nodig hebben.

Reken de uren mee

Uren die je in het maken steekt, zijn uren die je niet aan betaald werk besteedt. Dat is geen reden om het niet te doen, wel een reden om te weten wat er tegenover moet staan. Vul je gemeten uren in de rekenhulp in. Je ziet dan hoeveel deelnemers je nodig hebt voordat de maakuren eruit zijn en wat de begeleiding per ronde daar nog aan toevoegt.

Een eerlijke schatting is aan het begin minder prettig dan een optimistische. Halverwege is hij een stuk prettiger.

Hierna in de route · stap 5

Een onderwerp kiezen dat smal genoeg is

Waarom brede cursussen slecht verkopen en slecht worden afgemaakt en hoe je van een heel vakgebied naar één bruikbaar programma komt.

Fase 1 · Beginnen

Fase klaar alsJe kunt in één zin zeggen wat iemand na jouw programma kan. Er staan ook uren voor in je agenda.

Hulpmiddelen

Het werkplan zet de 29 stappen op een rij met per stap de zin waaraan je ziet dat hij af is. De rekenhulp rekent je aanbod door.